Episode Transcript
[00:00:00] Speaker A: Beste luisteraar, welkom bij De Ladder van Jacob.
U gaat luisteren naar de derde aflevering van de serie programma's over de hedendaagse componist Arvo Pärt.
Deze aflevering draagt de titel 1 Nieuwe Weg.
In de vorige aflevering deed ik u uitvoerig verslag van de tumultueuze première van het stuk Credo.
Ik vertelde u hoe Credo voor de componist vooral een voorlopig muzikaal eindpunt betekende.
Vanaf 1968 begon Pert het modernisme als een doodlopende weg te zien.
In 1972 door Brackpert met zijn derde symfonie voor het eerst na 1968 weer de compositorische stilte.
Hij is in dit stuk wanhopig op zoek naar een eigen stem.
Het is weer Neme Jervie die de première van het stuk dirigeerde met het Ests Televisie en Radiosymfonieorkest.
In zijn boek Componist van de stilte schreef Twan Geurts over deze derde symfonie het volgende.
De componist verdiepte zich in de oude muziek in het Gregoriaans, de vroege polyfonie en de muziek uit de vroege renaissance.
Daar vond hij zijn muzikale voorbeelden en ideale klankcombinaties die de voedingsbodem vormden voor zijn jarenlange zoektocht naar een eigen muzikale taal.
De derde symfonie klinkt heel anders dan zijn eerdere composities.
Minder rusteloos.
Zij is een verademing na de conflictueuze collages.
De harmonieën en melodieën doen denken aan koormuziek uit de 14e en 15e eeuw, maar dan in een hedendaags idioom.
Pert stelde zich de structuur voor als een stad met kleine, talrijke centra die zich uitbreiden tot ze elkaar raken en een eenheid vormen.
Ik was erin geslaagd om in mezelf een brug te slaan tussen gisteren, een gisteren van al enkele eeuwen oud, en vandaag.
De derde symfonie is een filmische, verhalende compositie met veel schallende trompetten en rollende paukenslagen.
Ze zijn niet meer modernistisch, maar ook nog geen tintinabuli.
Het zit tussen die twee stijlen in. Het is een overgangstuk.
Ik laat u het tweede deel van deze derde symfonie horen, dat hier onder leiding van zoon Pave Jervie wordt uitgevoerd.
[00:03:20] Speaker B: Ondertitels door de Amara.org gemeenschap MUZIEK MUZIEK MUZIEK.
MUZIEK.
TV Gelderland 2021 MUZIEK MUZIEK MUZIEK TV Gelderland 2021 MUZIEK MUZIEK.
MUZIEK.
MUZIEK MUZIEK
[00:10:55] Speaker A: Aan het eind van de vorige aflevering hoorden we nog hoe belangrijk een toevallige kennismaking met het Gregoriaans in een platenwinkel geweest moet zijn.
Een tweede belangrijke bron waaruit Pert putte om uiteindelijk tot die eigen stijl te komen, is de oude muziek van na de middeleeuwen.
Net als de moderne westerse muziek was ook deze oude polyfonische muziek niet erg geliefd bij de communistische cultuurautoriteiten, vooral door het sterk religieuze karakter van die muziek.
Hoewel we later nog uitvoerig het geestelijke belang van de orthodoxe traditie voor Pert zullen bespreken, is het een misverstand te menen dat zuiver muzikaal gezien de orthodoxe kerkmuziek een van de bronnen geweest is waaruit Pert als componist geput heeft.
Muzikaal zijn het vooral Westerse bronnen die van belang zijn geweest, het Gregoriaans en de Westerse polyfone stijl.
Maar naast het Gregoriaans en de westerse polyfone stijl van Josquin de Pré en de zijnde, hield Pert ook van de oude esse volksmuziek.
Tijdens zijn jarenlange compositorische zwijgen van na 1968 had Pert veel contact met de jonge violist Andrés Moustonen, die in Tallinn een ensemble voor oude muziek had opgericht, Hortus Musicus.
Pert woonde regelmatig repetities bij en liet daar eigen probeersels uitvoeren.
Het ensemble betrok een pand aan een smalle steeg in de oude binnenstad.
Jan Brokke bezocht op zijn speurtocht naar de achtergrond van Pert dat pand en schrijft in zijn boek Ik bezoek dat huis.
Het staat vol oude instrumenten, oude klaversymbols, oude spinetten, oude trommels en gamba's.
Aan de muren hangen prenten van het middeleeuwse Talien.
Ik begrijp dan pas dat Hortus Musicus doelbewust terug wilde naar de oertijd van Esland.
Naar het allereerste begin.
Naar de tijd dat de Denen verslagen werden bij de Slag om Tallinn en de bouw van de stad op de heuvel aan de Oostzee begon.
Het was allemaal slim bedacht door Moustonen en de muzici van Hortus Musicus.
Zij gingen niet lijnrecht tegen de Sovjetautoriteiten in, maar schreven een nieuwe geschiedenis door bij het begin van de oude aan te knopen.
Hortus Musicus bestaat nog steeds.
Zij hebben hun repertoire wel veel breder uitgebouwd.
U hoort hier A.V. Donne.
[00:14:16] Speaker B: MUZIEK MUZIEK Ave Donna Sanctissima, Regina Potentissima, Gloria in excelsis Deo. Con la gracia, MUZIEK Oh, wat een heerlijke dag!
Egypiato bellissima, nostra benesignore, presenzata signore, presenzata, Signore, eterno, Sanctissima.
Ave Donna, Sanctissima, de zin, de liefde, de zin van de zee, zonder oorlog, zonder oorlog.
Alles om je heen, alles om je heen, O, zo veel waard, o, o, o, o, O, zo veel o, O, waard, zo veel o, O, waard, zo veel waard, o, O, zo veel waard, o, O, zo veel waard, o, o, O, zo veel waard, o, o, O, zo veel waard, o, O, zo veel waard, o, o, o, o, O, zo veel waard, o, O, zo veel waard, zo veel waard, o, waard, O, o, O, zo veel waard, o, ZANG o EN MUZIEK MUZIEK Een
[00:19:18] Speaker A: tijd lang was Perth zo intensief verzonken in zijn zoektocht naar nieuwe klanken dat hij zelfs niet meer naar andere muziek wilde luisteren.
Zijn vrouw Nora vertelde later Arvo wilde deze mysterieuze bron in hemzelf vinden en liet de klanken vrijelijk uit hemzelf vloeien.
Hij probeerde allerlei informatie te verzamelen die hem daarbij zou kunnen helpen.
Hij las een psalm en probeerde onmiddellijk daarna in één beweging, zonder bewuste sturing, een melodische lijn te schrijven, alsof hij blind was, om zo in staat te zijn de indrukken van het lezen onmiddellijk naar muziek te transformeren.
Pet vult haar dan aan.
Ja, ik las een psalm en vulde een hele pagina met noten, zonder er veel over na te denken, in de hoop dat er een soort verbinding zou zijn tussen wat ik las en wat ik opschreef.
En dan begon ik vervolgens aan de volgende psalm.
Ik ben er nu zeker van dat er tussen de psalm en mijn melodie geen enkel verband bestond.
Tenminste, ik voelde er niets van.
Maar ik hoopte op een soort osmose en zo ging ik door en herhaalde hetzelfde proces met 150 psalmen.
En dan vult Nora hem weer aan.
Arvo wilde zijn spontaniteit ontwikkelen en niet alleen met zijn experiment met de psalmen.
Ik herinner me dat hij groepen vogels observeerde en ze in een schetsboek tekende en naast die tekening een melodie opschreef.
In andere gevallen gebruikte hij foto's van bergen als inspiratie om een muzikale frase te vinden.
Hij had het gevoel dat het gehoorzame aan koude dode regels gedurende lange jaren zijn eigen vrije scheppende impuls had gesmoord.
In die periode was hij bezig die impuls weer te bevrijden.
Het is interessant te zien dat Arvo zich later weer regels oplegde, hoewel van een geheel andere soort.
En dan zegt Pep, Ja, dat is inderdaad waar.
Met de tentinabelu stijl keerde ik terug naar regels.
Nora Je kunt je niet voorstellen hoe belangrijk deze periode was, al die bladzijden met oefeningen en psalmen.
Hij wist niet of hij überhaupt iets gevonden had en zo ja, wat het dan was.
Maar hij zou zeker het componeren hebben opgegeven als hij niets gevonden had.
Ik was erg bezorgd over hem en zag hoe hij leed.
Ik wist dat hij niet in staat was verder te leven zonder die muziek.
De muziek vormde de echte inhoud van zijn leven.
Ik zag dat hij dreigde in te storten en wist niet of hij erin zou slagen deze arbeidszame kwellingen tot een gelukkig einde te brengen.
In het midden van de jaren zeventig begon Pert stukken te schrijven in een stijl die hij zelf aanduidde met het woord tintinabuli.
Muziek die als het geluid van bellen of klokken klinkt.
U heeft daar in het begin van aflevering 1 al een paar voorbeelden van gehoord.
Kale muziek die uit simpele harmonieën, drie klanken of een enkele noot bestaat.
Muziek die velen associëren met tijdloosheid en met stilte.
Een veel aangehaalde uitspraak van Pert is deze.
Ik ontdekte dat het genoeg is wanneer één enkele noot mooi wordt gespeeld.
Deze ene noot of een enkel geluid of een moment van stilte biedt mij troost.
Ik werk met weinig elementen, met één stem, twee stemmen.
Ik bouw met primitieve materialen, met de drieklank, met één specifieke tonaliteit.
De drie noten van de drieklank lijken op bellen.
In essentie hoort de luisteraar in deze timtunabulustijl twee stemmen.
Eén melodische stem en daarnaast één stem die er gebroken drie klanken omheen speelt.
Luistert u nu naar een stuk uit 1978 in de oorspronkelijke versie voor piano en viool.
De titel van het stuk, Spiegel im Spiegel, roept het beeld op van spiegels die tegenover elkaar staan en elkaar eindeloos weer spiegelen.
De titel suggereert zo tijdloosheid en dat zal voor veel luisteraars ook door de muziek worden opgeroepen.
U hoort een dalende vioollijn en die lang aangehouden noten worden op de piano omspeeld.
Het geheel beweegt zich voort in een langzaam en meditatief tempo.
Spiegel im Spiegel
[00:25:53] Speaker B: MUZIEK.
MUZIEK.
MUZIEK.
MUZIEK.
MUZIEK.
MUZIEK MUZIEK.
[00:33:28] Speaker A: In 1999 gaf Pet in een vraaggesprek zelf een uitleg die als sleutel voor een zeker begrip van deze tintinnabuliemuziek zou kunnen dienen.
Hij zei toen, ik word slechts muzikaal bekoord wanneer ik iets onbekends ervaar, iets dat nieuw en betekenisvol voor me is.
Het lijkt er echt op dat dit onbekende gebied eerder bereikt wordt door middel van reductie dan door groeiende complexiteit.
Reductie is zeker niet hetzelfde als simplificatie.
Het is veel meer de weg naar de meest intense gerichtheid op de essentie der dingen.
We keren nu terug naar een dramatische episode uit zijn leven.
Het is 1980.
Dat was het jaar waarin Pert en zijn familie Estland moesten verlaten.
De muziek van Arvo Pert is op bescheiden wijze enigszins bekend geworden in het Westen.
Een zekere mate van bekendheid en succes in het Westen betekende voor kunstenaars in de Sovjet-Unie vaak animositeit en vervolging.
In de herfst van 1980 kwam een belangrijk lid van het centrale comité van de partij in Estland bij de familie Pert langs, met het dringende verzoek om te emigreren.
Een uitreisvisum voor Israël had deze meneer in de aanbieding, wegens de Joodse achtergrond van Nora Pert.
Snel na dit bezoek werd Arvo dringend geadviseerd het componistengilde te verlaten.
De familie kreeg enkele weken om hun appartement te verlaten.
Nora vertelde later, er was geen tijd voor nostalgie of emoties.
Al onze vrienden kwamen naar onze flat en Andres Moustone kwam met zijn hele orkest.
Toen openden we alle deuren en het hele trappenhuis vulde zich met muziek en tranen.
Ik herinner me een grote en sterke man die huilend afscheid kwam nemen en zei dat we elkaar nooit meer terug zouden zien.
Een van mijn tantes kwam uit Georgië om ons te helpen met inpakken.
Zij hielp ons ook met geld want we hadden niet genoeg om zo'n reis te betalen.
We moesten voor onze verbanning namelijk ook nog een behoorlijk bedrag betalen, bijna om onze vrijheid te kopen.
In het grensstation bij Prest-Litovsk speelde zich nog iets opmerkelijks af.
Toen we daar aankwamen met onze kinderen en een kleine hoeveelheid koffers, vroeg de douanebeamte ons.
Waar is jullie bagage? Is dit alles?
Andere reizigers hadden een enorme hoeveelheid bagage bij zich, inclusief meubels.
Iemand had zelfs een piano meegenomen.
Wij hadden maar een paar koffers bij ons.
En zelfs die waren maar half vol.
Maar we moesten die koffers toch openmaken.
En zo verschenen enkele kassettenbandjes met opnames van de eerste werken van Arvo.
Toen zei een douanebeamte, oh jullie zijn muzikanten.
Ik heb ook muziek gemaakt in Estland.
En toen wilden ze meteen de cassettebandjes met onze taperecorder afspelen.
En zo hoorden we de Mesa Silabica, dan Arbos en dan zelfs Cantus.
De stationshal was een gigantisch gebouw met een koepeldak zo hoog als in een kerk.
Inmiddels stonden we met de grenspolitie nog als enige in deze enorme ruimte.
Daar kon ik werkelijk het effect voelen dat muziek op mensen kon hebben.
Plotseling was alles zo ontspannen, zo normaal, zo mooi.
Onze Michaël lag in de wieg.
Een vriendin had een prachtig nieuw jasje voor hem gebreid.
En al de vrouwelijke leden van de grenspolitie probeerden het patroon over te nemen.
Een vrouwelijke politieagent bracht ons naar een kamertje waar zij Michaël uitkleden om te controleren of we iets verborgen hadden in de kleren die hij droeg.
Van alle iconen die we thuis hadden, hadden we er maar één meegenomen, die zo klein was dat we het konden verbergen in één van Michaëls zakken.
Ze hebben het niet gevonden.
Michaël begon te huilen en een politieman liet ons hem wat koekjes geven.
Het was een onvergetelijke scène.
Vooral omdat alles om lijst werd met Arvo's muziek.
Alles liep goed af en na een korte tijd konden we de trein naar Wenen nemen.
Al dus, pertsverslag van dit surrealistische tafereel.
Ter afsluiting wil ik u die drie stukken laten horen.
Een van die stukken die in die lege nachtelijke stationshal uit dat cassette recordertje van Perth weer klonk, was Cantus in Memory of Benjamin Britten.
Een meeslepende klaagzang die Perth schreef ten nagedachtenis aan de door hem zeer bewonderde Engelse componist Benjamin Britten.
Het was in 1977 in Tallinn in première gegaan.
Een jaar later zou het in Londen, onder leiding van Gennady Rozhdesvensky, uitgevoerd worden.
Maar omdat de Sovjetautoriteit de Pert niet naar Engeland wilde laten vertrekken, heeft de dirigent toen geweigerd daar op te treden.
het kon verkeren in de Sovjet-werkelijkheid.
Eerst werd een reis naar het buitenland verboden en drie jaar later moest hij onder dwang zijn vaderland verlaten.
[00:41:01] Speaker B: MUZIEK MUZIEK.
MUZIEK.
MUZIEK.
[00:47:07] Speaker A: U hoorde het orkestwerk Cantus in memoriam Benjamin Britten.
Ik laat u hier ook nog het Kyrie uit de Missa Syllabica horen.
Ook dit stuk werd via die taperecorder in die enorme stationshal afgespeeld.
De Messa Syllabica was een van de eerste tentinabulistukken waarbij de componist een tekst als uitgangspunt nam.
Zoals de titel suggereert is de muziek in syllaben gecomponeerd, in lettergrepen.
Uit zijn dagboeken blijkt dat hij die methode voor het eerst toepaste toen hij probeerde een melodische lijn te genereren voor een orthodox gebed.
Hij telde het aantal lettergrepen, komma's en accenten in de liturgische tekst en gaf elke lettergreep een eigen noot.
De toonhoogtes leidde hij af van de lengte van de woorden. De ritmes en de pauzes liet hij voortvloeien uit de structuur van de tekst.
De muzikale toonzetting van elk woord moest van boven of van beneden naar een centrale toonhoogte stromen die voor dat segment was gekozen.
[00:48:43] Speaker B: ZANG EN MUZIEK ZANG EN MUZIEK CHRIST ELEGISO Kyrie eleison.
Kyrie eleison.
Kyrie eleison.
[00:51:13] Speaker A: U hoorde het Kyrie uit de Messa Syllabica uitgevoerd onder leiding van Teuno Caliuste.
En tenslotte het stuk Arbos.
Van dit stuk bestaan inmiddels verschillende versies.
U hoort hier een bewerking voor blaasensemble.
[00:52:52] Speaker B: MUZIEK
[00:54:05] Speaker A: Pert heeft kort in Wenen gewoond, waar het gezin de Oostenrijkse nationaliteit verkreeg.
En daarna vestigde het gezin zich in Berlijn.
Pas na 30 jaar, in 2010, keerden Arvo en Nora Pert met hun kinderen in het jaar 2011 definitief terug naar Estland.
De volgende aflevering draagt de titel Componist van de Stilte.
En dan probeer ik in te gaan op de geestelijke achtergrond van Pert's muziek.
Gegevens over de muziekfragmenten vindt u zoals altijd in de programma-toelichting van deze aflevering op de site van Radio Maria en op de podcast-platforms waar u zich ook kunt abonneren op De Ladder van Jacob.
U kunt alle door mij gebruikte muziek met die gegevens ook heel gemakkelijk op Spotify terugvinden.
Beste luisteraar, ik dank u voor uw gewaardeerde aandacht.