De 15 Antwerpse Rozenkransschilderijen I - Over de tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' in Den Bosch

Episode 1 • September 07, 2026 • 00:54:45
De 15 Antwerpse Rozenkransschilderijen I - Over de tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' in Den Bosch
De Ladder van Jacob
De 15 Antwerpse Rozenkransschilderijen I - Over de tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' in Den Bosch

Sep 07 2026 | 00:54:45

/

Show Notes

Afl. 1 | In dit eerste deel veel over de geschiedenis van de Sint Pauluskerk in Antwerpen, over de achtergrond van het rozenkransgebed en de rol van de dominicanen daarin en over de oprichting van de rozenkransbroederschap in 1571. Via de volgende link komt u bij de afbeeldingen van de 15 rozenkransschilderijen, voorzien van toelichting per schilderij.

https://www.sintpaulusantwerpen.be/kunst-geschiedenis/kunstcollectie/15-mysteries/

De belangrijkste geraadpleegde literatuur:

Rudi Mannaerts, Sint Paulus. De Antwerpse dominicanenkerk. Een Openbaring (Antwerpen 2014)

A.M. Bogaert o.p., Rondom de Calvarieberg van de Sint Pauluskerk te Antwerpen (Antwerpen 1984)

Mark Robbroeckx, De vijftien rozenkransschilderijen van de Sint Pauluskerk te Antwerpen (Gent 1971-72)

Muziek

Josquin des Prez, Ave Maria, Virgo Serena

Giovanni da Palestrina, Ave Maria

Heinricch Ignaz Franz von Biber, Rozenkranssonate II, de Visitatie

De tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' is van 11 juli tot en met 25 oktober 2026 te bezichtigen in Het Noordbrabants Museum in 's-Hertogenbosch. Voor het eerst in ruim 400 jaar zijn deze monumentale 17e-eeuwse schilderijen uit de Antwerpse Sint-Pauluskerk samen én op ooghoogte te zien, gemaakt door meesters als Rubens, Van Dyck en Jordaens.

‘De Ladder van Jacob’ is een cultuurhistorisch programma waarin Theo Parlevliet, oud-docent geschiedenis, op sprekende wijze u als luisteraar dieper meeneemt in de rijke geschiedenis die de samenleving en Kerk in Europa kent.

View Full Transcript

Episode Transcript

[00:00:00] Speaker A: Beste luisteraar, weer hartelijk welkom bij een nieuwe aflevering van De Ladder van Jacob. Enkele weken geleden reisde ik met mijn vrouw af naar Den Bosch om daar in het Noord-Brabants Museum een tentoonstelling te bezoeken die daar tot 25 oktober loopt onder de titel 15 Mysterien van de Rozenkrans. Met als ondertitel, Oog in Oog met Rubens, Jordaens en van Dijk. En u kunt nu gaan luisteren naar het eerste deel van mijn tweedelige serie, de vijftien Antwerpse rozekransschilderijen. Het gaat hier over vijftien schilderijen die ieder een van de vijftien rozekransgeheimen uitbeelden. Die 15 schilderijen hangen normaal in de Antwerpse Sint Pauluskerk, maar door werkzaamheden daar moesten ze tijdelijk het kerkgebouw verlaten. In de kerk hangen ze normaal enkele meters boven uw hoofd. Nu kunt u ze in Den Bosch op ooghoogte bewonderen. Dat alleen al maakt uw reisje de moeite waard. Het zijn werken van zeer groot formaat die geschilderd zijn door twaalf verschillende kunstenaars die tesamen een aardig overzicht opleveren van de Antwerpse barokschilderkunst in het begin van de zeventiende eeuw. Grote namen als Pieter Paul Rubens en Jacques Jourdaens treffen we onder de makers aan, maar ook onbekende schilders als Arnout Finkenborg en Matthijs Voet. Die vijftien mysterieën, ik leerde vroeger over de vijftien geheimen, kennen de meesten van nu natuurlijk wel. Volgens een oude traditie zijn er vijf blijde geheimen, die gaan over gebeurtenissen rondom de geboorte en jeugd van Jezus. De vijf troeve geheimen gaan over gebeurtenissen rondom het lijden en sterven van Jezus. En tenslotte de vijf glorievolle geheimen rondom gebeurtenissen als de opstanding, de hemelvaart, pinksteren, Maria's ten hemel opneming en haar kroning in de hemel. En met behulp van die vijftien voorstellingen konden de gelovigen over die mysteries mediteren tijdens het rozekransgebed. Toen ik de tentoonstelling bezocht, werd ik wel onaangenaam getroffen door de wel erg minimalistische informatie. Geen catalogus of zelfs maar een beknopt gidsje kon er kennelijk vanaf. De bezoeker moet zich behelpen met wat sumiere tekstbordjes. Een groot deel van het huidige publiek beschikt niet over de meest basale kennis van het christendom, dus wat verdergaande informatie zou toch niet misplaatst zijn geweest. Heeft het ontbreken daarvan te maken met die ideologische vooringenomenheid die tegenwoordig zo dominant aanwezig is in de huidige museumwereld? Naast die 15 schilderijen kan het bezoeker namelijk wel kennis maken met het gegeven dat in de wereld van islam en boeddhisme ook gebedsnoeren worden gebruikt. Zo wordt de bezoeker geconfronteerd met een werk van een Brits-Palestijns kunstenmaakster, die een enorme, opgeblazen, islamitische gebedsnoer heeft gemaakt, waarvan de kralen zo groot zijn als kanon. Kanonskogels. Een werk waarmee ze kennelijk haar ongenoegen over een en ander wil uiten. En elders treffen we ook een snoer aan van houten kralen, gesneden door de houtkunstenaar Sonnemans. Een snoer, en ik parafraseer hier de tentoonstellingstekst, een snoer dat de spirituele waarden die de kunstenaar hechtte aan zijn relatie met de natuur uitdrukt. Een snoer waarmee hij in de natuur plachtte mediteren en de doden zat te herdenken. Een recessent van de NRC zag in dat snoer een hedendaags hulpmiddel voor mentale overweging dat naadloos aansluit bij het aloude rozegransgebed. Natuurlijk, de meeste NRC-lezers kun je op godsdienstengebied veel wijs maken, maar de lezers die de tentoonstelling bezoeken zouden zich toch kunnen afvragen wat dit alles te maken heeft met de wereld van Rubens en de zijnen en met het katholieke geloof. Joost mag het weten. Terwijl ik die verder werkelijk schitterende schilderijen zat te bewonderen, borrelde er bij mij toch wel een aantal vragen op. Vragen die zowel op het terrein van de kunstgeschiedenis als op het gebied van de theologie en de devotiegeschiedenis liggen. Maar ook vragen die specifiek tot de geschiedenis van de Antwerpse Sint Pauluskerk behoren. Vragen als, hoe zijn die schilderijen bijna gelijktijdig in de Sint Pauwelskerk terechtgekomen? Wie was de opdrachtgever? Welke rol speelden ze in het kerkelijke leven van toen? Maar ook algemenere vragen als, wat is de herkomst van het rozekansgebed? En uit welke tijd stamt deze devotie? En dus, thuisgekomen, schafte ik me wat boekwerken aan. Een boek over de Sint Pauluskerk leerde me al snel dat de kerk oorspronkelijk een Dominicana-kloosterkerk was. En behalve over de werkelijk onuitputtelijke schat aan kunstschatten die de kerk nog steeds bevat, leerde ik veel over de rol die de Dominicanen gespeeld hebben in de verbreiding van het rozekansgebed. Heel informatief was een beknopt boekje over de in de achttiende eeuw aangelegde Calvariberg net buiten het kerkgebouw. Slaat u die beeldentuin niet over wanneer u de Sint-Paulus zelf gaat bezoeken. En tenslotte vond ik wel met enige moeite zowaar een heus proefschrift over de vijftien rozekansschilderijen zelf. En toen ik dit alles aan het lezen was, borrelde vanzelf het idee op een programma te wijden aan de tentoonstelling. En dat werden er zowaar twee. Zo is het gekomen. In de programma toelichting vindt u een link naar afbeeldingen van de 15 rozekransschilderijen met een korte beschrijving van ieder werk. Voordat ik verder ga kunt u eerst luisteren naar het schitterende Ave Maria Virgo Serena van Josquin de Pré. De componist leefde ruim voor de barokperiode. Ongeveer een eeuw na zijn dood werden rond 1620 die vijftien rozekransschilderijen in de Noorderbeuk van de Sint Paulus opgehaald. [00:07:56] Speaker B: ZANG EN MUZIEK Dominus Dei, ZE ZINGEN AVE CULIUS CONCEPTIO. AVE CULIOUS CONCEPTION. SOLEM NIBELLA. ZE ZINGEN VOLLE MUZIEK ZE ZINGEN EN Vereniging, vereniging. Vereniging. MUZIEK O, juist van zon, gier, aan z'n zion. O, straf voor jitser, aan z'nsion. Ave, ave, givituras. die mannulata gastis et, cui cuius purificatio, nostra furibit curatio. ZANG EN MUZIEK Hoi, hoi, hallo, hoi, hoi. ZANG EN MUZIEK Amen [00:13:48] Speaker A: De geschiedenis van de Antwerpse Sint Pauluskerk begint met de komst van de eerste Dominicanen in Antwerpen. Dat gebeurt in het jaar 1243. Mijn belangrijkste gids is hier de priester Rudi Mannaerts, die in 2014 een uitvoerige studie over de Sint Paulus liet verschijnen. Eerst dus iets over die Dominicanen. De Sint Paulus is dus van oorsprong een Dominicaanse kloosterkerk. Willen wij iets begrijpen van de achtergrond van die vijftien rozekransschilderijen die nu tijdelijk in Den Bosch te zien zijn, moeten we bij dat gegeven beginnen. De Dominicanen, of predikheren, behoren met de Franciscanen tot de groep van de zogeheten Bedel-oorders. De traditionele Middeleeuwse kloosters, van bijvoorbeeld die van de Benedictijnen, hadden een agrarische basis van bestaan. Deze nieuwe oorders vonden hun werkterrein vooral in de steden, die in de tweede helft van de middeleeuwen een nieuw werkterrein voor de kerk opleverden. Hun kloosters waren dus stadskloosters en paste in de snelle ontwikkeling van de Middeleeuwsche steden. De Dominicanen ontwikkelden een sterke reputatie als predikars en geleerden. Hun kloosters werden centra van studie, onderwijs en theologisch debat. De Dominicanen zijn voortgekomen uit een in april 1215 in Spanje gestichte gemeenschap van geestelijken. De stichter was de Spaanse priester Domingo de Cusman Cartes. Een belangrijk doel was het bestrijden van ketterijen door prediking, studie en een heilige levenswandel. Het Antwerpse stadsbestuur bijvoorbeeld had hen uitgenodigd te komen om de ketterij van de Kataren tegen te gaan. Paus Honorius III. verhief de predikbroeders tot status van orde en daarmee opereerde zij onder direct gezag van de heilige stoel en waren zij dus geen verantwoordingsschuldig aan de plaatselijke bisschoppen. De term Dominicanen ontstaat overigens pas na de dood van de stichter, de heilige Dominicus. De afkorting OP komt van het Latijnse ordo predicatorum, orde der predikers. Vandaar dat ze ook vaak predikeren genoemd worden, of predikbroeders. Ze zijn elders ook onder andere namen bekend. In Engeland worden zij Black Flyers genoemd, naar de zwarte mantel die zij buitenshuis over hun witte habijt dragen. In onder andere Frankrijk stonden ze vroeger bekend als Jacobijnen, naar hun Parijse moederklooster in de rue Saint-Jacques. Die Jacobijnen kent u misschien uit de geschiedenisles als radicale groep tijdens de Franse revolutie. Die Jacobijnen kwamen toen aan hun naam omdat zij in dat Dominicana-klooster gelegen aan de Ruus en Jacques-plachten te vergaderen. Een bijnaam van de Dominicana was Dominicans, Latijn voor Honden van de Heer. Achter die naam zit de volgende legende. Kort voor de geboorte van haar zoon, droomt de moeder van Dominicus dat zij het leven zou schenken aan een kleine hond die een fakkel in de bek draagt waarmee hij heel de wereld in vuur en vlam zal zetten. Door deze legende zal de hond een van de belangrijkste attributen van de heilige Dominicus worden in de beeldende kunst. In de Antwerpse Dominicana Kerk kan de oplettende bezoeker maar liefst 15 plaatsen ontdekken waar deze fakkelhond de oordenstichter vergezeld. Goed, nu weer terug naar de specifieke groep predikheren die in 1243 in Antwerpen aankwam. Twintig jaar later beginnen ze te bouwen aan een kloosterkerk die uiteraard in gotische stijl uitgevoerd wordt. Omdat de bischop van Kamerrijk verhinderd is, is het iemand uit eigen rang met bischoppelijke waardigheid die in 1276 de kerk mag inwijden. Dat was de befaamde geleerde Albertus de Grote, leraar van de nog befaamdere Thomas van Aquino. De kerk staat niet ver van de Scheldekader in wat tegenwoordig het Visserskwartier heet. Maar de kerk die we vandaag kunnen bezoeken is een tweede versie. Een kerk die grotendeels uit de 15e eeuw stamt. Wanneer we de grote lijn in de geschiedenis van deze Dominicana kloosterkerk volgen, komen we de nodige rampen tegen in de vorm van branden, blikseminslagen, beeldenstormers, hebberige Oostenrijkse keizers en nog hebberigere Franse revolutionairen. Ik geef u een kort overzicht. De eerste gotische kloosterkerk wordt op 6 juli 1477 getroffen door een enorme blikseminslag. De bouw van de gotische kerk die we nu kennen vangt in het begin van de 16e eeuw aan. Naast de nieuwe kerk verschijnen nieuwe kloostergebouwen als een refter en een slaapzaal. Dus ook die tweede kerk was primair een gebedshuis van de Dominicanen en van gelovigen die zich met het klooster verbonden voelden. Gangen verbonden de kerk met de sacristie, klaslokalen, keuken, refters, gastenverblijven, slaapzalen en bibliotheken. Belangrijk voor mijn verhaal over die vijftien rozekransschilderijen is dat de Dominicanen naast predikking en studie ook allerlei vormen van volksdevotie plachten te stimuleren. Belangrijk was daarin de vereering van Maria en vooral het bidden van de rozekrans. Over de rozekrans later meer. Eerst vervolg ik mijn verhaal over de geschiedenis van de Sint Pauwels. De tweede helft van de 16e eeuw bracht een dramatische breuk in de geschiedenis van deze kerk, maar ook trouwens een fundamentele omslag in de geschiedenism van de stad Antwerpen. In 1566, het jaar van de beeldenstorm, richt een kleine bende op kleine schaal vernielingen aan. Maar het nieuwe schip met vijf altaren wordt vijf jaar later, in 1571, toch gewoon ingewijd door de Dominicaan Godfried van Mierlo, die dan net vijf dagen bischop van Haarlem is. Maar al snel komt Antwerpen terecht in een periode dat de Calvinisten het stadsbestuur domineren. Eerst wordt de Sint Paulus door een muur ruksigloos opgedeeld in tweeën, een deel voor katholieken en een deel voor protestanten, maar in 1579 worden de Dominicanen zelfs de stad uitgezet. Een jaar later volgt de confiscatie van de kerkelijke goederen en schaft men de kloosters af. Na toewijzing van de kerk aan de Calvinisten volgde een systematische verwijdering en vernieling van katholiek beeldmateriaal. De kloostergebouwen worden afgebroken. Twee straten worden aangelegd op het terrein van het gesloopte klooster. Dan, nog steeds in het kader van de ons bekende Tachtigjarige Oorlog, legt Alexander Farnese in 1584 het beleg rondom de stad. Na veertien maanden van verschrikkingen valt de stad weer onder Spaans gezag. Maar aan de Gouden Eeuw van Antwerpen komt een eind, mede door de langdurige afsluiting van de Westerschelde door schepen van de Republiek. Het aantal inwoners van de stad daalt sterk. Rond 1570 wonen er nog 100.000 mensen in Antwerpen, in 1700 zijn dat er 60.000 en in 1750 nog een 45.000. Maar dit alles staat een culturele en godsdienstige bloei van het klooster niet in de weg. Vooral in de 17e eeuw zal de Sint Paulus uitgroeien tot een van de belangrijkste katholieke kunstkerken van Antwerpen. Want de Dominicanen komen na 1585 terug en krijgen weer de beschikking over hun kerk. De door de protestanten aangelegde afsluitingsmuur tussen middenbeuk en koor wordt uiteraard weer afgebroken. De bouw van de nieuwe kerk gaat door, maar in volle baroktijd wordt aan het gebouw doorgebouwd in gotische stijl. Wanneer u heden ter dagen de kerk bezoekt, bezoekt u dus een gotisch kerkgebouw met een 100% barok interieur. De Dominicanen begrepen als geen ander dat kunst een krachtig middel was voor de geloofsverkondiging. Geleidelijk werd hun kerk gevuld met schilderijen, beelden, gebeeldhouden houten dichtstoelen en architecturale elementen die het katholieke geloof zichtbaar maakten, zodat predikking en beeldende kunst elkaar aanvulden. En we zullen laatst nog zien hoe de rozenkrans een belangrijk element vormt in de iconografie van de kerk. Al die kunst was gericht op visuele ondersteuning van het gebed en van het geloofsonderricht. Deze kunstzaken werden gefinanceerd door weldoeners die op verschillende manieren met de kerk en met de dominicanen verbonden waren. Maar nog een ramp stond te gebeuren. In 1679 werd het gebouw door een zware brand getroffen. Onder andere de toenmalige gotische toren ging verloren door een blikseminslag. Enkele jaren later verrees een nieuwe maar nu barokke toren. Sommigen zagen in de bouw van die imposante barokke prachttoren een uiting van Wethijver met de baroktoren van de Sint Carolus Borromeus van de Jezuïten. Eind 18e eeuw wordt de Sint Paulus opnieuw het slachtoffer van despotisch gedrag. Nu zijn het geen Calvinisten, maar lieden die in naam van de verlichting handelen. Keizer Jozef II van Oostenrijk laat zijn begerig oog vallen op de rozekrans Madonna van Caravaggio en hij laat het enorme doek afvoeren naar de Keizerlijke Kunstverzameling in Wenen. Later zien we een prachtige kopie van de rozekrans Madonna op het altaar van de Maria Kapel geplaatst worden. In 1786 leidt de verlicht keizerlijke bemoeizucht nog tot de opheffing van de kerkelijke broederschappen per keizerlijk decreet. Vervolgens vormt de Franse revolutie voor een nieuw dieptepunt in de geschiedenis van de Sint-Paulus. In 1794 worden de zuidelijke Nederlanden bezet door een Frans revolutionair bewind. Genoodzaakt door de hoge oorlogsbelasting wordt het kerkzilver en de schilderijen van Rubens van Dijk en Jordaens als oorlogspuit afgestaan en naar Frankrijk weggevoerd. En weer worden de Dominicanen uitgedreven. Alle kloostergemeenschappen die zich niet bezighielden met onderwijs of ziekenzorg werden namelijk ontbonden. In 1797 wordt de Sint-Pauluskerk in het openbaar verkocht. Via via komt de kerk uiteindelijk in het bezit van het stadsbestuur en dat is tot vandaag de dag zo gebleven. Een groot deel van de gestolen schilderijen komen wel in 1815 terug. De kerk wordt nu een parochiekerk. De eerste pastoor is een Dominicaner pater. Vanaf 1961 behoort de kerk tot het heropgerichte bisdom Antwerpen. En ook in onze tijd heeft de Sint-Paulus een dominicaan als pastoor. Nog drie grote rampen en een klein rampje staat de Sint-Pauluskerk te wachten. In 1830, het is de tijd van de Belgische opstand, beschieten de Nederlanders de stad. alle zeventiende-eeuwse kleurrijke kerkramen gaan indichelen. In 1889 wordt de voorgrevel zwaar getroffen door de ontploffing van de nabijgelegen kruidfabriek. En in de nacht van 2 op 3 april 1968 vernieuwt een katastrofale brand het klooster en slaat het vuur over op het kerkdak en zo op de toren. Gelukkig houden de gewelven stand. Tappere buurtbewoners rukken het houtsnijwerk van de piegstoelen, snijden op ladderstaand schilderijdoeken uit hun lijsten en ook uit de zakkers die worden allerlei schatten gered. En daarna volgen weer jaren van restauratie. Ik had het over drie rampen en een klein rampje. Dat kleine rampje betreft het in 1943 opeisen door de Duitsers van twee klokken als bijdrage aan hun oorlogsmachine. Nu, beste luisteraar, hoop ik niet dat u het idee gekregen hebt dat een bezoek aan de Antwerpse Sint Paulus niet meer de moeite waard is. Alles behalve dat, U kunt daar nog steeds barokke pracht in een gotische reliek bewonderen. Het overkoepelend thema van de Sint Pouderskerk is de kerk van Christus als instrument van onze zaligmaking. Het hoogkoor symboliseert de glorievolle kerk. De kruis- en zijbeuken, als ook het middenschip, staan voor de strijdende kerk. Artistieke verwijzingen naar het rozenkransgebed kunnen we op diverse plaatsen in de kerk tegenkomen. Niet alleen in de vijftiendelige schilderijencyclus die op dit moment in Den Bosch te bevonderen valt. Het rozenkransgebed is een hulpmiddel door de strijdende kerk aangeboden om eens in de glorievolle opgenomen te kunnen worden. En op een bijzondere wijze wordt de leidende kerk herdacht in de beeldentuin die op het oude kerkhof van de Dominicanen is aangelegd aan de zuidkant van de kerk. Met de opheffing van het klooster en de overgang naar de status van parochiekerk leek het gedaan met de rol van de Dominicanen. Maar zie, sinds 2021 wordt de parochie weer geleid door een Dominicaanse pastoor. En Dominicanen zijn dus opnieuw betrokken bij liturgie, prediking en pastorale activiteiten. En zo zien we de geschiedenis van de Sint Paulus als een voortdurende transformatie. In de 13e eeuw begonnen als een gotische stadskloosterkerk, werd de kerk in de 17e eeuw een van de prachtigste barokkenkerken van Antwerpen. En werd het begin 19e eeuw een parochiekerk. Maar tegelijkertijd zien we een opvallende continuïteit in de bemoeien van de Dominicanen met predikking, liturgie, het stimuleren van de rozenkransdevotie en het ruimte geven aan 17e-eeuwse kunstenaars als Rubens, Jordaens, van Balen en anderen. En ook vindt de bezoeker vandaag nog steeds aan de zuidkant van de kerk de onder Dominicaanse leiding aangelegde 18e-eeuwsse Calvaryberg. Antwerpenaren die in de 16de en 17de eeuw een bedevaart naar het heilig land hadden volbracht, werden bij thuiskomst plechtig door de magistraten van de stad ontvangen en werden ridders van Jeruzalem genoemd. Maar ja, wie kon zich een dergelijke reis veroorloven? Vandaar het idee het Heilig Land naar Antwerpen te brengen en in de vorm van een grootse kopie van de Calvaryberg, het Heilig Graf en een indrukwekkende beeldentuin. Twaalf engelen, twaalf kleine profeten, drie grote profeten, vier evangelisten en twee wereldfiguren in de vorm van Petrus en Paulus. Naast figuren als Longinus, Maria van Egypte en Hieronymus kunt u haar ontmoeten. De Dominicaan Bogaerts wijst ons in zijn gidsje over de Calvaryberg uit 1984 erop dat ook hier de rozekransdevotie een zichtbare plaats inneemt. Over die rozekransdevotie na een korte pauze meer. Eerst uw aandacht voor Palestrina's Ave Maria, gezongen door het koor van de Siksteinse kapel. [00:33:58] Speaker B: MUZIEK. ZANG EN MUZIEK ZE ZINGEN EN MUZIEK om de rest van zijn leven aan te wachten. Wat [00:37:10] Speaker A: is de herkomst van het rozekransgebed? Volgens een oude Dominicaanse traditie zou Maria zelf de rozekrans aan de heilige Dominicus hebben toevertrouwd. Dominicus zou dan de opdracht ontvangen hebben deze gebedsvorm onder het volk te verspreiden. Deze traditie vinden we vaak verbeeld in de beeldende kunst. In de Sint Paulus zien we die traditie geprononceerd uitgebeeld in het monumentale altaarstuk Ons Lieve Vrouwen van de Rozenkrans. We weten dat het oorspronkelijk door Caravaggio geschilderde stuk aanvankelijk te midden van de toen pas voltooide rozenkransreeks gehangen heeft. Midden 17e eeuw is het in het speciaal voor het schilderij ontworpen portiek altaar van de Mariakepel terechtgekomen. We zien in de linker benedenhoek de opdrachtgever eerbiedig geknield ons aankijken. Dat zal geen Antwerpenaar geweest zijn, want het stuk werd waarschijnlijk oorspronkelijk voor een Dominicana-kerk in Napels gemaakt. Het stuk is om onbekende redenen in de Nederlanden terechtgekomen en is door een groep Antwerpse kunstenaars aangekocht. Daar was in ieder geval Rubens bij die een grote bewondering voor Caravaggio had. Zij kochten het uit affectie voor de kapel, maar ook om een raar stuk binnen Antwerpen te hebben. Raar betekent hier uiteraard zeldzaam. Ik vertelde u al hoe de hebzuchtige Weense keizer het stuk in 1786 naar Wenen liet afvoeren. In Antwerpen deed af en toe het verhaal de ronde dat de Antwerpenaren de keizer om de tuin wisten te leiden door een exacte kopie te sturen en de echte zelf te houden. Maar dit aantrekkelijke verhaal is natuurlijk een fabel. Op het schilderij zien we hoe Maria met het kind schuin naar beneden toekijkt hoe de heilige Dominicus rozekransen uitdeelt. Hij wordt omringd door het volk dat gretig naar het gebedsnoer verlangt. De bemiddelende rol van Dominicus wordt beklemtoond doordat hij de enige is die naar Maria opkijkt. Het volk wenst zich naar hem, niet naar Maria. En onder dat volk zien we zowel armen als rijken. De armen geeft Caravaggio realistisch weer met naakte vuile voeten van armoede. Rechts zien we nog Peterus van Verona, een andere Dominicaanse heilige. Hij kijkt ons aan terwijl hij op Maria en het kind wijst. In dezelfde Maria-kapel treffen we ook nog een gepolychromeerd houten beeld van Maria met kind aan. Zij krijgen een soort omlijsting in de vorm van een grote rozekrans van 86 vergulde rozen. Gehuld in een praalmantel wordt dit beeld jaarlijks op de eerste zondag van oktober in processie meegedragen. Dichtbij 7 oktober het feest van ons lieve vrouw van de rozekrans. Bij die gelegenheid wordt de schelde gewijd. Want van ouds heet het in Antwerpen, alles heeft Antwerpen aan de schelde te danken. En de schelde heeft Antwerpen aan God te danken. Er is in de Sint Pauwels in relatie tot de rozenkrans devotie nog veel meer te zien, maar ik beperk me hier tot een geschilderd paneeltje in de 18e eeuwse houten knielbank voor dat Maria beeld, waar we onder andere kunnen zien hoe Maria Dominicus de rozenkrans aanbiedt. Op de achtergrond zien we de stad Antwerpen liggen. Maar in de historische literatuur kan niet met zekerheid aangetoond worden dat Dominicus de rozenkrans in zijn latere, volledig uitgewerkte vorm ingesteld heeft. Het rozenkransgebed is niet op één moment door één persoon uitgevonden. Het moet geleidelijk uit oudere, christelijke gebedsvormen ontstaan zijn. De term rozekrans, in het Latijn rosarium, is afgeleid van een middeleeuws gebruik dat bestond uit het plaatsen van een kroon van rozen op de beelden van de maagd Maria. En ook daar kunnen we in de beeldentaal die we in de Sint Paulus vinden, nog voorbeelden van vinden. De rozekrans is zo de naam voor het rozekransgebed geworden. De geschiedenis van dat gebed ontwikkelde zich voor, tijdens en na het leven van de heilige Dominicus. De definitieve vorm van deze gebedsvorm werd pas even na hem bereikt. Dat de heilige Dominicus niet via Maria in zijn eentje als de uitvinder van de rozekrans gezien kan worden, betekent niet dat hij geen belangrijke geestelijke en apostolische rol gespeeld heeft. Ook staat vast dat zijn volgelingen de devotie krachtig hebben bevorderd. Zij zagen de rozenkrans als een eenvoudig middel om het geloof te onderrichten. Mensen die niet konden lezen of geen toegang hadden tot theologische vorming, konden via de mysteries vertrouwd raken met het evangelie. Terwijl kloosterlingen in hun getijde gebed de 150 psalmen baden of zongen, baden de gelovigen bij een volledige rozenkrans 15 x 10 is 150 weesgegroetjes. De kernstructuur van de rozenkrans ging bestaan uit het Onze Vader, 10 weesgegroeten en het Eer aan de Vader. En tijdens die tien weesgegroeten werd steeds gemediteerd over hun geloofsmysterie. Vanaf de 15e eeuw hebben de Dominicanen in veel steden rozekransbroederschappen opgericht. Dat waren stedelijke netwerken waar leken samen baden. Die broederschappen hebben zeker een grote rol gespeeld in de grote verbreiding van de rozenkrans en in het ontstaan van een min of meer uniforme wijze van bidden. In Antwerpen werd in 1571 een broederschap van onze lieve vrouw van de heilige rozenkrans opgericht. Dat jaar 1571 was niet toevallig gekozen. In dat jaar vond de beroemde zeeslag bij Lepanto plaats. De troepen van de Oosmaanse sultan Selim II waren in 1570 Cyprus binnengevallen met als doel de Venetianen uit het oostelijk deel van de Middellandse Zee te verdrijven. De Venetianen vormden hierop een alliantie met Paus Pius V, Philips II van Spanje, Malta en Genua. De Osmanse vloot moest er dus opnemen tegen een verenigde christelijke vloot die onder het opperbevel van Juan van Oostenrijk, de halfbroer van Philips II, stond. De slag van Lepanto was aan beide kanten qua omvang onvoorstelbaar. Bij zowel de christenen als de Osmanen waren meer dan 80.000 man betrokken en honderden schepen. De Ottomanen verloren 200 vaartuigen en 24.000 man. Onder die 24.000 gesneuvelde bevonden zich overigens maar liefst 15.000 christelijke galeislaven. Aan christelijke zijde werd de overwinning toegeschreven aan het bidden van de rozenkrans door zowel het niet-strijdende volk als de krijgsmacht. Paus Pius V, die zelf Dominicaan was, had tijdens de strijd tot Maria met de rozenkrans gebeden. Na de slag stelde Paus Pius V officieel op 7 oktober een feestdag in ter gedachtenis van de overwinning op de Ottomanen. en sindsdien geldt binnen de katholieke kerk de maand oktober als Rozenkransmaand. Het was dus in dit specifieke historische kader dat in Antwerpen de broederschap van onze lieve vrouw van de heilige Rozenkrans opgericht werd. In dit soort broederschappen werd de gelovigen geleerd dat de kracht van de rozenkrans niet lag in een mechanische herhaling van woorden, maar in het overwegen van de geloofsmysteries. In die zin is het rozenkransgebed wezenlijk een evangelisch en contemplatief gebed. Het bidden van een volledige rozenkrans ging dus gepaard met het gedenken van vijftien mysteries of geloofsgeheimen. Per vijf groepeerd staan deze bekend als de vreugdevolle, de droevige en de glorievolle geheimen. Bij elkaar geven de geheimen een soort samenvatting van het evangelie. Hierdoor kan het bidden van de rozenkrans iemand duidelijker bewustmaken van de Bijbelse boodschap. De vijf vreugdevolle geheimen voeren naar de menswording van Christus. De vijftroeve geheimen naar zijn lijden en kruis. Terwijl de vijf glorierijke geheimen ons brengen naar zijn vereisnis, zijn verheerlijking en de verheerlijking van zijn moeder. In het jaar 2002 voegde paus Johannes Paulus II aan het begin van het jaar van de rozenkrans daar de vijf geheimen van het licht aan toe. Die laten we om voor de handliggende reden hier verder buiten beschouwing. Wanneer we het Bidden van de Rozenkrans als een evangelisch en contemplatief gebed zien, is het niet zo moeilijk te begrijpen hoe in kringen van de Antwerpse Rozenkransbroederschap het idee kon ontstaan stedelijke kunstenaars de opdracht te geven die vijftien geloofsmysteries in vijftien afzonderlijke werken uit te beelden. Hoe een en ander in zijn werk moet zijn gegaan, daarover later meer. De muziek die u nu gaat beluisteren stamt uit de baroktijd, maar een halve eeuw na het tot stand komen van die vijftien rozekransschilderijen. Het stuk kennen wij tegenwoordig onder de naam rozekranssonates. De componist is Heinrich Ignaz Franz von Bieber. Het stuk werd waarschijnlijk rond 1676 gecomponeerd, maar het manuscript werd pas in 1905 gepubliceerd. En toen werd het dus pas gespeeld. Evenwijdig aan de vijftien tientjes van de rozenkrans betreft het hier vijftien sonaten die ieder aan één van de vijftien mysterisch is toegewijd. U gaat luisteren naar een fragment uit de tweede sonate die gewijd is aan de visitatie. [00:50:16] Speaker B: MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK [00:53:47] Speaker A: Beste luisteraar, na deze uitvoerige inleiding kom ik volgende keer in het tweede deel over de vijftien rozekansschilderijen zelf te spreken. Ik dank u weer voor uw gewaardeerde aandacht.

Other Episodes

Episode 2

June 01, 2026 • 00:57:33
Episode Cover

Arvo Pärt - Op zoek naar nieuwe klanken

Afl.2 | Centraal in zijn componistenleven staat een gebeurtenis die op allerlei manieren kan gelden als een keerpunt in zijn leven. Daarom wil ik...

Listen

Episode 2

July 20, 2026 • 01:00:48
Episode Cover

Willem Nuyens en het Herwonnen Vaderland - Een katholieke reconstructie

Afl. 2 | Willem Nuyens werd geboren in 1823 en stierf in 1894, zijn leven overbrugt dus een belangrijk deel van de 19e eeuw....

Listen

Episode 6

March 09, 2026 • 00:48:31
Episode Cover

De katholieken van Vietnam - Over het nieuwe keizerrijk

Afl. 6 | Deze aflevering gaat vooral over de regeerperiodes van keizer Gia Long en Minh Mang. Vooral onder Minh Mang vinden kerkvervolgingen plaats....

Listen