De 15 Antwerpse Rozenkransschilderijen II - Over de tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' in Den Bosch

Episode 2 • September 14, 2026 • 00:59:35
De 15 Antwerpse Rozenkransschilderijen II - Over de tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' in Den Bosch
De Ladder van Jacob
De 15 Antwerpse Rozenkransschilderijen II - Over de tentoonstelling '15 Mysteriën van de rozenkrans' in Den Bosch

Sep 14 2026 | 00:59:35

/

Show Notes

Afl. 2 | In dit tweede deel over de tentoonstelling in het Noordbrabants Museum “de vijftien Antwerpse rozenkransschilderijen” bespreek ik drie werken uit de serie.

Via de volgende link komt u bij de afbeeldingen van de 15 rozenkransschilderijen, voorzien van toelichting per schilderij.

https://www.sintpaulusantwerpen.be/kunst-geschiedenis/kunstcollectie/15-mysteries/

De belangrijkste geraadpleegde literatuur:

Rudi Mannaerts, Sint Paulus. De Antwerpse dominicanenkerk. Een Openbaring (Antwerpen 2014)

A.M. Bogaert o.p., Rondom de Calvarieberg van de Sint Pauluskerk te Antwerpen (Antwerpen 1984)

Mark Robbroeckx, De vijftien rozenkransschilderijen van de Sint Pauluskerk te Antwerpen (Gent 1971-72)

Muziek

Toepasselijke stukken van o.a. John Tavener, Heinrich von Biber en Hendrik Andriessen.

Chapters

View Full Transcript

Episode Transcript

[00:00:04] Speaker A: De Ladder van Jacob. Literatuur, geschiedenis en muziek met Theo Parlevliet. Beste luisteraar, welkom bij het tweede en laatste deel van mijn serie over de 15 rozekransschilderijen die tot 25 oktober in het Noord-Brabants Museum in Den Bosch te bewonderen zijn. Die schilderijen hangen normaal in de Sint Pauluskerk in Antwerpen, maar zijn wegens verbouwingen daar tijdelijk uitgeleend aan het museum in Den Bosch en zijn daar op ooghoogte te bewonderen. In de kerk hangen ze een viatal meters boven de grond. In de vorige aflevering heb ik geprobeerd wat achtergrond te geven. Aanleiding was dat de informatie in het Noord-Brabants Museum nogal minimaal was. Ik vertelde u het nodige over de geschiedenis van de Sint Pauwelskerk waar die schilderijen, met een kleine onderbreking, vanaf het begin van de 17e eeuw altijd gehangen hebben. We zagen dat de kerk vanaf de 13e eeuw een gotische stadskloosterkerk is geweest, onderdeel van een Dominicaans klooster. Dat de kerk in de loop der geschiedenis geteisterd is door branden, Calvinistische terreur, keizerlijke hebzucht en despotisch optreden van Franse revolutionairen. Dat het barokke kerkinterieur in de loop van de 17e eeuw de kerk maakte tot een van de prachtigste kerken van de stad. en hoe de kloosterkerk na de Franse tijd van kloosterkerkerk parochiekerk werd. Ik vertelde u over de continuïteit in de eeuwenlange bemoeien van de Dominicanen in zaken predikking en liturgie. Ik vertelde u over de rol van de heilige Dominicus en zijn volgelingen in het stimuleren van de rozekrans devotie. Zij zagen de rooskrans als een eenvoudig middel om het geloof te onderrichten. Je zou de rooskrans als een vorm van democratisering van het al oude kloosterlijke koorgebed kunnen opvatten. Mensen die niet konden lezen of geen toegang hadden tot theologische vorming, konden via de mysteries vertrouwd raken met het evangelie. Terwijl kloosterlingen in hun getijde gebed de 150 psalmen baden of zongen, baden de gelovigen bij een volledige rozenkrans. 15 x 10 is 150 weesgegroetjes. De kernstructuur van de rozenkrans ging bestaan uit het onze vader, 10 weesgegroeten en het eer aan de vader. Dat wil zeggen de kernstructuur van een tientje. En tijdens die tien weesgegroeten kon steeds gemediteerd worden over een geloofsmysterie. Ik vertelde u hoe de gewonnen slag bij Lepanto tegen de Turkse vloot de aanleiding was voor ten op 7 oktober het feest van Onze Lieve Vrouwen van de Rozenkrans te vieren. Maar ik vertelde u ook dat deze gebeurtenis aanleiding vormde ook in de Sint Pauwelskerk in 1571 een rozekransbroederschap op te richten. En dat in kringen van deze broederschap in het begin van de 17e eeuw het idee groeide Antwerpse kunstenaars een monumentale serie van 15 schilderijen te laten vervaardigen waarbij ieder schilderij een rozekrans mysterie tot onderwerp zou hebben. Al dus mijn korte samenvatting van de vorige aflevering. Rest mij nog u te wijzen op de link in de programma toelichting van deze aflevering die u in de gelegenheid brengt de afbeeldingen van de 15 schilderijen te aanschouwen. We gaan ons nu richten op de algemene achtergrond van de vijftien rozekrans schilderijen die u op dit moment in Den Bosch kunt bewonderen. Ik maak voor het hierna volgende vooral gebruik van het proefschrift dat Mark Robroeks begin jaren zeventig in Gent verdedigde. Hoe? En wanneer zijn deze schilderijen tot stand gekomen? Is er een algemene opzet in de cyclus terug te vinden? Wie was de opdrachtgever? Wie waren de schenkers? En wie waren de schilders? Waarschijnlijk was de opdrachtgever Michael Ophofius. Ophofius was viermaal tot prior van het Antwerpsklooster gekozen. Ik kende zijn naam uit de vaderlandse geschiedenis want hij werd later bischop van Zettergebosch. Dat was hij nog in het jaar 1629 toen de stad door Frederik Hendrik werd ingenomen. Na de inname werd in Zettergebosch het katholicisme verboden en verlieten met het Spaanse garnizoen de geestelijkheid met hun bischop en trouwens ook veel andere katholieke inwoners de stad. Rubens heeft op Hoviës meermalen geportretteerd. In Antwerpen had Rubens hem als biechtvader. Het was ook Rubens die zijn graftombe heeft ontworpen. Die graftombe kunt u nog steeds links van het hoofdaltaar van de Sint-Paulus aantreffen. Dat over de opdrachtgever. Wie waren de mensen die de schilderijen afzonderlijk gefinancierd hebben? De schenkers dus. Die moeten we zoeken in kringen van de eerder genoemde rozenkransbroederschap. We weten dat er 15 schilderijen min of meer in dezelfde tijd zijn vervaardigd, namelijk in de periode rond 1620. De meeste zijn door weldoeners die we nog bij naam kennen gefinancierd. Slechts twee geplande schilderijen zijn een tijdje als onbeschilderd doek opgesteld in de kerk en zijn uiteindelijk door collectieve aalmoezen gefinancierd. Onder de schilders bevinden zich enkele zeer bekende vertegenwoordigers van de Antwerpse school. Zoals daar zijn Rubens, Jordaens en van Dijk. Naast Cornelis de Vos en Tenieus de Oude. De oudste schilder was Hendrik van Balen. De jongste was Antoon van Dijk, die toen nog geen twintig was. We stuiteren ook op enkele namen die tegenwoordig slechts bij specialisten bekend zijn. Een zekere Arnoud Vinkenborg nam er zelfs drie voor zijn rekening. We weten ook precies hoeveel de schilders betaald kregen. Die prijzen lagen niet zo ver van elkaar. Niet Rubens, maar Hendrik van Balen kreeg het hoogste bedrag. Van Balen ontving 216 gulden. Rubens, Van Dijk en Jordaens ieder 150 gulden. De vier minder bekende schilders ontvingen bedragen onder de 100. Ik stel me nu voor enkele van de 15 schilderijen te bespreken. Voor de onbesproken schilderij wijs ik op die link in de programma toelichting die toegang geeft tot de afbeeldingen die daar ook vergezeld gaan van een korte toelichting. Eerst gaan we naar het doek dat het eerste blijde geheim behandelt. Dat is dus de Annunciatie, de Boodschap, geschilderd door Hendrik van Balen. Van Balen begon na een reis door Italië een drukke werkplaats in de Antwerpse Lange Nielstraat te runnen. Onder zijn leerlingen bevonden zich enkele jaren eerder de toen tienjarige Antoon van Dijk, die het later tot hofschilder van de Edelse Koning zou brengen. Van Balens Annunciatie wordt nu eerst kort muzikaal ingeleid door een hymne uit de Byzantijnse traditie. Een hymne gewijd aan de boodschap door de engel aan Maria. [00:09:41] Speaker B: Het [00:10:02] Speaker A: verhaal van de Annunciatie vinden we in het eerste hoofdstuk van Lukas. Dat fragment begint met In de zesde maand werd de engel Gabriel van Gods wegen gezonden naar een stad in Galilea, Nazareth, tot een maagd die verloofd was met een man die Jozef heette, uit het huis van David. De naam van de maagd was Maria. Er is een groot verschil tussen de wijze waarop in de late middeleeuwen het tafereel van de annunciatie meestal werd voorgesteld en de wijze waarop de barokschilders dit deden. In de 15e eeuw werd de annunciatie vaak sober en symbolisch weergegeven. Maria en de engel Gabriel bevonden zich vaak in een zorgvuldig ingerichte, vaak huiselijke ruimte. In de barok wordt de voorstelling veel dramatischer en emotioneler. We zien in dit schilderij, als het ware, de hemel, de kamer waar Maria zit te bidden, binnendringen. We zien hoe de hemel zich opent, waar de vader met zijn rechterhand een zegenend gebaar maakt, terwijl hij een diepe blik werpt op het gebeuren. In zijn linker hand houdt hij een wereldbol, bekroond met een kruis. Als een toepassing van de woorden van Jesaja, wie heeft de wateren gepijld in zijn vuist, de wereld omspannen met de palm van zijn hand. Vervolgens zien we hoe onder de Vader de Heilige Geest in de vorm van een duif hemelse lichtstralen naar beneden zendt als verwijzing naar de woorden van de engel. De Heilige Geest zal op u neerdalen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen. En we zien hoe aan beide kanten talloze zwevende engelen getuigen zijn van het mysterie. Soms zien we een engel devot de handen vouwen, maar anderen wijzen elkaar opgewonden op het gebeuren beneden hen. In het centrum van de schilderij tuimelen twee engeltjes omlaag om zwevend Maria te huldigen. Nu deze vijftien schilderijen in Den Bosch op hoog hoogte hangen, kunnen onze ogen veel beter de talloze details zien en materiaal aanleveren voor verder overweging. We kunnen nu zien hoe het ene engeltje een bosje rozen zonder doornen omklemt. Volgens een oude traditie groeide de roze in het aardsparadijs zonder doorn. Maria, die zonder zonnen leeft, wordt hier vergeleken met die paradijsachtige roos zonder doornen. In een oud gebed heet het, Gij, Maria, koningin der maagden, roos zonder doornen, zijt moeder van God geworden. Het andere engeltje zien we Maria kronen met een kransje van rozen. Het krantje dat Maria hier ontvangt kan twee betekenissen hebben. We kunnen aan een bruidskroon denken. Door haar ja-woord op de boodschap van Gabriel wordt Maria moeder en meteen bruid van Christus. Door haar ja woord verenigt haar ziel zich met Christus in haar schoot. De vereniging van de ziel met Christus werd vanaf de 16e eeuw vaak vergeleken met de vereniging van bruid, met bruidegom. We kunnen nu ook opmerken dat het krantje 15 rozen telt. En we kunnen het dus ook opvatten als symbool van het rozenkransgebed. In Maria's ja-woord ligt immers de voltrekking besloten van de vijftien mysterieën die haar leven zullen tekenen. Dit is een van die vele onverwachte verwijzingen naar de rozenkrans die we binnen de iconografie van de gehele Sint Pouderskerk kunnen aantreffen. Er is dus bij Van Balen meer beweging, sterker licht-donker contrast en dus een grotere nadruk op de goddelijke aanwezigheid. De stijve en plechtstatige koorkap die de engel bijvoorbeeld bij de 15e eeuw aan Jan van Eyck draagt, maakt hier plaats voor uiterst lichte groene en gele gewaden waarin de wind vrij spel krijgt. Bovendien staat Gabriel niet meer op de grond, zoals in de 15e eeuwse kunst gebruikelijk was, maar wordt hij zwevend op een wolk voorgesteld. Niet omdat hij vleugels heeft wordt hij zo voorgesteld, maar omdat wij moeten begrijpen dat de aardsengel uit een hoger bewoonde sfeer komt, vanuit een hemelsverblijf op de aarde tot de mens is neergekomen. Hij verschijnt hier met een sneeuwwitte lelitak in zijn hand, symbool van de zuiverheid. Tegenwoordig viert de kerk de gedachtenis van de heilige aartsengel Gabriel, de engel van de menswording, op 24 maart. In 1921 bepaalde paus Benedictus XV dat zijn feest door de gehele kerk zou worden gevierd. Gabriel verschijnt in het Oude en Nieuwe Testament als de boodschapper van blijde tijdingen, vooral van openbaringen die de verlossing betreffen. De aartsengel Gabriel is hier de gezant van de hemel, belast met de grootste boodschap die ooit aan een schepsel werd toevertrouwd. Hij daalt af van de troon gods en verschijnt in een nederig huis ten Nazareth, om een maagd te begroeten die uitverkoren is om de moeder van haar schepper te worden. De naam Gabriel betekent sterkte gods. En inderdaad hij kondigt hem aan die komt om de hel te overwinnen, de zonde te verbreken en de dood te vernietigen. De Hemelse Bode verschijnt met vrede en eerbied. Hij brengt geen schrik, maar een groet. En deze groet opent het mysterie dat van alle eeuwen verborgen was geweest. Maria heeft een rode jurk aan wat wijst op het feit dat zij een vrouw van vlees en bloed is. Haar blauwe mantel duidt erop dat ze een door God uitverkoren begnadigde vrouw is. De architectuur waarin een en ander zich afspeelt blijft wat raadslachtig. We krijgen niet de indruk dat we ons in dat nederig gehuiste Nazareth bevinden. Eerder is hier sprake van een renaissancistisch stadspaleis of van een kerkgebouw. Een groot deel van die raadselachtige architectuur wordt bovendien in een vage mist gedompeld. Een mist die geleidelijk overgaat in wolkjes, waarin en waarop die eerder genoemde engelen met allerlei bewegingen en houdingen de boodschap opluisteren. We nemen afscheid van Van Balen's voorstelling met de hedendaagse compositie Annunciation van de Britse componist John Tavener. [00:18:46] Speaker B: MUZIEK. ZANG EN MUZIEK ZANG EN MUZIEK ZANG EN MUZIEK [00:24:12] Speaker A: De periode waarin deze schilderijen werden gemaakt wordt wel aangeduid als die van de contra-reformatie. Sommigen geven de voorkeur aan de term katholieke reformatie. We zagen eerder hoe de St Paulus gedurende een aantal jaren de protestantse reformatie binnen haar muren heeft zien optreden. Simpel gezegd vormde de contra-reformatie het katholieke antwoord op de reformatie. Binnen die vernieuwingsbeweging kreeg kunst een belangrijke rol toebedeeld. Schilderijen en beelden moesten niet alleen mooi zijn, maar ook overtuigend en leerrijk. Lang niet alle gelovigen waren geletterd. Door middel van afbeeldingen moesten de gelovigen de verhalen uit de Bijbel en de katholieke leer niet alleen kunnen begrijpen, maar ook kunnen beleven. De schilderijen hadden een dubbele functie. Het waren kunstwerken gemaakt ter ere van God en het waren hulpmiddelen voor religieuze meditatie. dat God in het bijzonder voor onze Reeks van de Vijftien rozenkrans schilderijen. De taferelen maakten het mogelijk de vijftien geheimen te overwegen en de gelovigen te begeleiden bij het gebed. Het kunsthistorisch bijzondere van de Reeks van vijftien was dat die niet door één geniale kunstenaar gemaakt is. Integendeel, de reeks kwam voort uit een netwerk van kunstenaars, opdrachtgevers, weldoeners en religieuze instellingen. De schenkers waren mensen die op verschillende manieren met de Sint Pauwelskerk verbonden waren. Familieleden van Dominicanen, leden van belangrijke stedelijke families waarvan leden in de kerk begraven lagen of in de toekomst begraven zouden worden. De meeste weldoeners waren verbonden met de Rozekransbroederschap. Ondanks het gegeven dat de reeks niet gemaakt is door één kunstenaar, moet zij uiteindelijk wel begrepen worden als één groot totaalwerk. Ze zijn in dezelfde tijd gemaakt, hebben exact dezelfde afmetingen en zijn ontworpen voor dezelfde plaats, namelijk voor de noordelijke beuk van de Sint Pauluskerk. Typisch voor de barokkunst was dat de schilders hebben geprobeerd de toeschouwer emotioneel bij de voorstelling te betrekken. Zo moest de gelovige bijvoorbeeld het lijden van Christus als het ware meemaken. Het beste voorbeeld daarvan uit de reeks is de voorstelling van het tweede droevige mysterie, De Geesteling, geschilderd door Peter Paul Rubens. Christus wordt daar niet op een statische, afstandelijke manier weergegeven. Zijn lichaam is sterk gedraaid en zijn lijden wordt zeer direct zichtbaar gemaakt. Door het contrast tussen het donkere interieur en het lichte, bebloede lichaam wordt onze aandacht onmiddellijk naar Christus getrokken. Bij Marcus lezen we hoe Pilatus het volk vraagt, wilt ge dat ik de koning van de joden zal vrij laten? En dat dan het volk hem toesreelt, kruisig hem. En we lezen dan, omdat Pilatus het volk zijn zin wilde geven, liet hij Barabbas vrij. Maar Jezus liet hij gezelen en gaf hem over om gekruisigd te worden. Zelden werd in de schilderkunst het lichamelijk lijden van Jezus zo levens-echt en zo direct in beeld gebracht. Rubens, zo schrijft Rudy Mannaerts, heeft niets anders op het oog dan de regisseur Mel Gibson, indiens rauwe film The Passion of Christ. Je ziet in die film hoe repenvel afgescheurd worden en het bloed in het ronds pad. Terwijl de dramatiek in de film wordt opgevoerd door het geluid van striemende zweepslagen, moet Rubens zich uiteraard tot louter picturale middelen beperken. Eerst weer naar de barokcomponist von Bieber, die een generatie na Rubens leefde. U hoort het eerste deel van de zevende van zijn vijftien rozekranssonates. Gewijd aan de geesteling. [00:29:58] Speaker B: MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK MUZIEK De [00:33:13] Speaker A: welgestelde koopman Lovie Clarisse was de schenker van Rubens Geseling. In 1620 werd Clarisse tot kapelmeester van de Rozekransbroederschap gekozen. Zijn zoon, Marcus Antonius, zou negen jaar later geprofest worden in het Antwerpse Dominicanerklooster. Louis en zijn vrouw liggen tot op de dag van vandaag begraven in de Sint-Pauluskerk. Wanneer we voor het doek staan, lijkt de beul links op het punt te staan er met een zweep opnieuw op los te slaan. Zijn opgeheven arm lijkt uit de lijst te komen. Aan de rechterkant staan twee andere gespierde beulen. Zij lijken Christus te bewerken met een roede. De zwarte man vooraan staat op het punt om met een opgeheven roede in beide handen er duchtig op los te slaan. Tegelijkertijd wordt Jezus in de kuiten getrapt door die zwarte beul om hem letterlijk door de knieën te laten gaan. De beulsknecht met ontbloot bovenlijf achteraan lijkt met de linkerhand zijn ogen af te schermen. Kan hij deze gruwel niet langer aanzien of wil hij zijn gezicht beschermen tegen in het rond spattende bloeddruppels? Of veegt hij zich het zweet van het voorhoofd. Rechts onderaan zien we nog een hond grimmig toekijken. De hond symboliseert hier de neid en de opgekropte haat van de beulen. ongetwijfeld een verwijzing naar Psalm 22, waarvan Christus aan het kruis de eerste zin uitspreekt. Mijn God, mijn God, waarom hebt ge mij verlaten? In Psalm 22 kunnen we immers verder onder andere dit lezen. Een troep honden is om mij heen, rond mij hokt de vredaardige bende die mijn handen doorstak en mijn voeten. Al mijn beenderen kan ik tellen, zij komen mij zien, mij bekijken, zij verdelen samen mijn kleren, er wordt om mijn mantel geloten. Het betreft hier dus niet de Dominikanis, de eerder genoemde vakkelhond van Dominicus. Maar het gaat hier om de Kanis infernalis, de helle hond, zoals die ook in de Griekse mythologie voorkomt, al geeft Rubens hem hier geen drie koppen. We kunnen hem hier zien als het beest dat in de beulen schuilgaat. U kunt nu luisteren naar een lied van de katholieke Nederlandse componist Hendrik Andriessen. Het betreft het lied Flaquelation, Gezeling, uit zijn in 1923 geschreven liedcyclus Miroir de Pain, Spiegel van het Leiden. De teksten van Miroir de Pain zijn van de Franse dichter Henri Vangean. Het zijn gedichten van religieuze extase die het lijden van Christus beschrijven vanuit het perspectief van Maria. De laatste zinnen van het gedicht, Flacelation, luiden in vertaling. Is het rechtvaardig dat mijn smart van de striemende geestel die uw hart treft slechts de echo krijgt, maar niet de wonde? [00:37:37] Speaker B: MUZIEK Si l'on me dit que bientôt les hommes portent la main sur le cou de l'oreille, déchirerai en mon solité me fui par mes promesses à l'automne. Ik heb van mijn ziel geslaagd, de voeten van de Heer die alles aan mij heeft gegeven, en ik heb geen zin meer in jou te spelen. En deze justitie is de moeite van mijn moeite, MUZIEK [00:39:22] Speaker A: Voor mijn derde en laatste keuze gaan we naar het vijfde glorievolle mysterie, de kroning van Maria, geschilderd door Arnoud Finkenborg. Uiteraard is er een nauwe band tussen het vierde en het vijfde glorievolle mysterie, tussen Maria's ten hemelopneming en haar kroning in de hemel. De katechismus zegt het zo. Tenslotte is de opbevlekte maagd gevrijwaard van iedere smet van de erfzonde, na het voltooien van haar aardse levensloop, met lichaam en ziel in de hemelse heerlijkheid opgenomen. door de Heer verheven tot Koningin van het heelal, om zo gelijkvormiger te worden aan haar Zoon, de Heer der Heren en de overwinnaar van zonde en dood. De Bijbel vertelt nergens letterlijk dat Maria in de hemel tot Koningin werd gekroond. Die gedachte heeft in de loop der eeuwen vooral een devotionele en theologische ontwikkeling doorgemaakt. In de katechisme wordt benadrukt dat de zending van Maria in het Oude Testament voorbereid is door daar optredende heilige vrouwen. Daar is natuurlijk allereerst Eva. Ondanks haar ongehoorzaamheid ontvangt zij de belofte van een nageslacht dat over de boze zal zegen vieren. En de belofte dat zij de moeder zal zijn van alle levenden. Naast Eva zouden we het nog kunnen hebben over Sarah, die ondanks haar hoge leeftijd een zoon ontvangt, Hannah, de moeder van Samuel, Deborah, Ruth, Esther en nog vele anderen. Maria kunnen we in die oud-testamentische lijn zien als de vrouw die de eerste plaats inneemt onder de nederige en arme van de Heer, die vol vertrouwen het heil van Hem verwachten en het verkrijgen. Een andere belangrijke achtergrond is de voorstelling van de moeder van de koning in het Oude Testament. In het koninkrijk Juda had de koningin moeder een bijzondere positie aan het hof. In de traditie wordt Maria als zodanig verbonden met Jezus als de Messiaanse koning. In de kerkelijke traditie, maar dus ook in de schilderkunst, gaat ook nog een passage uit het boek Openbaring een belangrijke rol spelen. Daar wordt een vrouw beschreven die verschijnt met een kroon van twaalf sterren. Letterlijk kunnen we daar lezen. En er verscheen een groot teken aan de hemel, een vrouw bekleed met de zon, de maan onder haar voeten en op haar hoofd een kroon van twaalf ster. In de christelijke traditie wordt ook dit op Maria betrokken. Vanaf de eerste eeuwen van het Christendom ontwikkelde zich steeds sterker de overtuiging dat Maria een bijzondere plaats heeft vanwege haar moederschap van Christus. In de Oosterse kerk werd Maria bijvoorbeeld al vroeg aangeduid als Basilissa, koningin, en Panagia, alheilige. Vooral in Byzantijnse iconen werd zij naast of tegenover Christus als koninklijke figuur afgebeeld. In het Westen kreeg die voorstelling eveneens ingang. De titel Regina Caeli, koningin van de hemel, werd geleidelijk belangrijker. Na eeuwenlange devotie en theologische doordenking weide paus Pius XII in 1954 een encycliek aan Maria's Koningschap. Ad Caeli Reginam. In dit schrijven riep de paus Maria uit tot Koningin van de Hemel en de Aarde en stelde hij het liturgische feest van Maria Koningin in. De kern van de acerkliek? De kroning van Maria is gegrond op haar moederschap van Christus en haar nauwe verbondenheid met het verlossingswerk van Christus. Pius XII benadrukte toen overigens dat hij geen nieuwe geloofswaarheid verkondigde, maar niets anders deed dan een reeds lang bestaande traditie en devotie binnen de kerk officieel vastleggen en bevestigen. Het liturgische feest van onze lieve Vrouw Koningin zou op 31 mei gevierd worden. Na Tweede Vaticaanse Concilie werd het feest verplaatst naar 22 augustus, zeven dagen na Maria Hemelvaart. Het concilie benadrukte dat Maria's verheerlijking altijd moet worden verstaan in relatie tot Christus en de kerk. In het oude missaal trof ik in de graduale van het feest nog dit prachtige gebed aan. Van voren en opzij staat op zijn mantel geschreven, koning over de koningen en heerser over de heersers. Aan zijn zijde staat de koningin, getooid met het kostbaarste goud. Halleluja, halleluja. Gegroet Koningin van Barmartigheid, wil ons beschermen tegen de vijand en in het stervensuur ons opnemen. Alleluia. [00:46:20] Speaker B: MUZIEK MUZIEK [00:47:20] Speaker A: U hoorde het eerste deeltje van de 15e Rozenkrantsonate, de Kroning van de Macht, van Heinrich von Biber. In de vroeg-middeleeuwse kunst zijn de figuren vaak frontaal, statisch en hiërarchisch weergegeven. Maria en Christus zitten naast elkaar op een troon en hebben een plechtige, bijna tijdloze uitstraling. Goudkleur en andere kostbare kleuren benadrukken dat de gebeurtenis zich in de hemel afspeelt. In de gotiek wordt de voorstelling steeds verfijnder en emotioneler. Maria en Christus kijken elkaar aan en er ontstaat meer menselijke tederheid. De hemelse wereld wordt bevolkt door engelen en heiligen. Het meest bekend zijn afbeeldingen van de drie eenheiden, God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest, de laatste in de vorm van een duif, die in de hemel een kroon plaatsen op het hoofd van Maria. Soms zijn ze omringd door engelen. De devotie kreeg in de loop van de middeleeuwen en de vroegmoderne tijd steeds meer vorm. Maria werd niet alleen in afbeeldingen gekroond, er ontstond ook de praktijk om Maria beelden daadwerkelijk met een kroon te tooien. In de barok wordt de afbeelding van de kroning veel dynamischer. De hemel opent zich als een spectaculaire, bewegende ruimte. Engelen, wolken, lichtstralen en diagonale composities zorgen voor een gevoel van beweging en extase. Sterke beweging, rijke kleuren en een groot gevoel voor dramatiek. En zo zijn we weer aangekomen bij de kroning van Maria, zoals geschilderd door Arnoud Finkeborg voor de Antwerpse Sint-Paulus. Dit schilderij is geschonken door de weduwe Maria Bokshoorn. de moeder van Marius Ambrosius Capello, prior van het Sint-Pauwdersklooster en later bisschop van Antwerpen. Ook Maria Bokshoorn ligt met haar man in de Sint-Paudersbegraven vlakbij het hoofdaltar. Nergens eerder in de serie van de vijf rozekransschilderijen neemt Maria een eminentere plaats in. Want nu pas deelt zij voorgoed in de heerlijkheid van God. De schilder heeft de kroning van Maria samengesmolten met het visionaire beeld uit de openbaring van Johannes, waaruit ik eerder voorlas. De schilder stelt ons hier een jonge vrouw voor omdat de erfzonde en de vergankelijkheid geen vat op haar gekregen hebben. Wat ons heel in het bijzonder opvalt is dat zij ons recht aankijkt. Het lijkt wel of zij ons aankijkt met de blik van mijn geluk kan ook het uur worden. Ik zal uw voorspreekster zijn. Zij draagt een witte jurk, een glanzende lichtblauwe satijne mantel, de kleuren van Maria onbevlekt ontvangenis. Over haar donkerblonde haar ligt een hoofddoek. We zien haar nederig tronen op de maanschijf. De zon draagt zij subtiel als een aureool dat niet veel meer is dan een gele rand, zodat zij niet voornamer oogt dan de goddelijke personen. God de Vader zet haar een kroon op die voorzien is van de twaalf sterren ontleend aan de apocalyptische vrouw. Maria trapt op de maan omdat die staat voor de ijdelheid van de aardse dingen. De maan verandert immers voortdurend van vorm en staat dus voor de onbestendigheid. De zon is de zon van Christus' rechtvaardigheid, sol justitiae, waaruit al het licht van Maria's heiligheid is voortgekomen, terwijl de maan staat voor de aardse vergankelijkheid. De twaalf sterren verwijzen naar haar deugde. Geloof, hoop en liefde, naast voorzichtigheid, rechtvaardigheid, sterkte, kloekmoedigheid, matigheid, zuiverheid, ootmoedigheid zachtmoedigheid en nederigheid. We kunnen hier uiteraard ook denken aan de twaalf stammen van Israël, de twaalf apostelen en de twaalf sterren van de dierenriem. God de Vader heeft ook hier weer de geloben van het heelal bij zich. Hij is gekleed in een goud geborduurde koormantel met geborduurde taferelen die niet voor ons te ontcijferen zijn. Geheel volgens de geloofsbeleidenis zit Christus aan de rechterhand van de Vader. Met zijn ene hand houdt Christus de kroon boven het hoofd van Maria, terwijl hij met zijn andere hand zijn moeder ondersteunt. En boven dit tafereel zweeft de derde goddelijke persoon in de vorm van een duif die zijn vleugels boven Maria uitstrekt. Dit koningstafereel wordt omgord door veel engelen. We kunnen er maar liefst 24 tellen die met z'n allen vreugdevol een grote kring vormen rondom het hoofdgebeuren met Maria. Zeven engelen bespelen een instrument. We kunnen met gemak ontwaren een tambourijn, een viool, een contrabas, een blokfluit, een horen, een luid en een orgeltje. Het kan ons doen denken aan de oproep in Psalm 150 om Yahweh te loven met de stoot op de ramshoorn, met harp en siter, met handtrom en rijdans, met snaren en fluit en met slaande symbolen. We kunnen bij dit alles ook nog denken aan het wondermooie gedicht dat de Dominicaan Vincent Hensberg, een tijdgenoot van de schilder, in dit verband aanhaalt, waarin we kunnen lezen U, koningin van de hemel, loven wij. U, meesteres van de aarde, eren wij. U lovent terecht alle schepselen, moeder van oneindige klaarheid. Woonplaats van de Heilige Drieeenheid. Gij zijt omkranst met de zon van God. Gij die de maan overdreft, zijt gezegend. Gij zijt volledig geprezen. Gij zijt gekroond met deze sterren. De hemelen de hemelen beminnen u op een gelijkelijke wijze. U roepen cherubijnen en serafijnen toe, gegroet, gegroet Koningin van de Glorie. Beste luisteraar, vindt u het wat te hoogdravend worden, dan heb ik hier voor u het charmante kinderkoor De Madeliefjes met Bij groeten u, o Koningin. [00:55:21] Speaker B: Wij groeten u, o Koningin, o Maria. Wij prijzen u met ieder win. Salve, salve, salve Regina. O, de vrouwen uit het veld. Zing alle liedjes uit, o Maria. Loof er op wie u bent, plees er op zin en vreugd, rood met hond, zuur koningin. O Nieuw, Heer, de Veiligheid, o Maria, let ons naar hemelsvoud. MUZIEK [00:58:16] Speaker A: Beste luisteraar, de tentoonstelling 15 Mysteriën van de Rozenkrans in het Noord-Brabants Museum in Den Bosch is nog tot 25 oktober te bezoeken. Wilt u een bezoek brengen aan de Sint Pauluskerk in Antwerpen? De kerk is vaak tijdens de middaguren open, maar vraagt u actuele informatie aan voordat u de tocht met trein of auto gaat ondernemen. U heeft inmiddels wel begrepen dat er ook zonder de vijftien rozekransschilderijen het nodige te zien is. Vergeet u vooral niet de Calvariberg met beeldentuin in uw bezoek te betrekken. Ik dank u weer voor uw gewaardeerde aandacht. Volgende week ga ik verder met mijn serie de katholieken van Vietnam. U hebt geluisterd naar De Ladder van Jacob door Theo Parlevliet.

Other Episodes

Episode 8

March 23, 2026 • 00:56:16
Episode Cover

Katholieken van Vietnam - Over Vietnamese reacties op het Franse kolonialisme

Afl. 8 | Over Vietnamese reacties op het Franse kolonialisme  In deze aflevering probeer ik in enkele grote lijnen een algemeen beeld te geven...

Listen

Episode 1

February 10, 2026 • 00:47:23
Episode Cover

Over het wonderlijke leven van Jimmy Lai

Afl. 1 | Een rechtbank in Hongkong heeft afgelopen december de katholieke zakenman Jimmy Lai schuldig bevonden aan samenspanning met buitenlandse machten en het...

Listen

Episode 12

April 21, 2026 • 01:00:25
Episode Cover

De katholieken van Vietnam - Over een katholieke exodus

Afl. 12 | Deze aflevering behandelt de lotgevallen van de Vietnamese katholieken in de woelige periode 1940 - 1954. Hun positie kan voor deze...

Listen